Ingrediënten soep:
een flink stuk (1½ kg.) doorregen rundsoepvlees, bv.
van de schouder
prei
knolselderie
1 wortel
enkele mergpijpen of andere botten
zout
Ingrediënten mergbelkes:
100 g. merg
een paar sneden oud witbrood
1 à 2 eieren
zout, peper
nootmuskaat
Bereiding:
Op zaterdagavond vlees en mergpijpen of de andere
botten opzetten in een grote ketel met koud water. De soep verwarmen
totdat hij bijna aan de kook is en zeker twee keer afschuimen.
De hele nacht de soep achter op de kachel laten
trekken.
Op zondagmorgen de schoongemaakte en fijn gesneden groenten
toevoegen en mee laten trekken.
De soep op smaak maken met wat zout.
Bereiding mergbelkes:
Het brood in de oven drogen en fijn raspen.
Met een vork het merg aanmaken met de eieren, het geraspte witbrood,
zout en peper.
Met de handen draait men het merg tot kleine vaste balletjes,
die men in de soep tegen de kook aan laat garen.
De balletjes moeten bij het koken goed hard worden en mogen
niet uit elkaar vallen.
De balletjes uit de soep halen tot vlak voor het eten.
Ze dan weer even in de soep verwarmen.
Mergballetjes waren een traktatie die zeker op feestdagen en
met de kermis niet in de soep mochten ontbreken.